Bello Gallico 2017 – verslag

Koud, kouder, koudst.  Dat vat deze wedstrijd wel samen. En droog. Gelukkig maar.

We kwamen mooi op tijd aan aan de start. Nummer ophalen, GPS tracker ophalen, en nog een laatste keer materiaal (en reserve materiaal) checken. Iets voor 12 gingen we allemaal naar buiten, een bonte verzameling van hoofdlampen en rode lampjes op rugzakken.

Stipt om middernacht begonnen we er aan, direct het bos in voor het eerste stuk van 22 kilometer tot aan checkpoint 1 in Florival (moest ik opzoeken, echt nog nooit van gehoord). Vanaf kilometer 10 begon de groep uitgespreid te geraken en zag ik de loper voor me nog maar als een rood puntje in de verte. Ik starte bewust echt op mijn gemak en kwam iets voor 2 aan op het eerst checkpoint. Een glas cola, 2 bekertjes tomatensoep en een handvol chips en ik kon er weer tegen. Op naar de volgende op kilometer 36.

Het water dat ik bij me had in mijn rugzak was ondertussen ijskoud en daar was mijn maag niet helemaal mee akkoord. Kleine slokjes en af te toe een hap van een koek ging wel, maar meer wou ik niet riskeren. Misselijkheid in combinatie met veel klimmen en dalen zorgde ervoor dat ik pas om half 5 op CP2 aan kwam. Daar nam ik mijn tijd om water bij te vullen (niet drinken zou nog veel erger zijn), om mijn regenbroek over mijn andere aan te doen en om op te warmen. Op dit puntje viel de koude eigenlijk nog best mee. Een droge bandana in mijn nek, een droge muts op mijn hoofd en ik was er klaar voor. 24 kilometer tot CP3, waar ik Bram zou zien.

Ondertussen waren mijn bovenbenen redelijk verkrampt: constant in de koude wind en dan klimmen en “snel” proberen af te dalen begonnen hun tol te eisen.

Op dit stuk van het parcours kwamen we ook langs op stukken trial die ik zelf al gelopen had, dus ik wist ongeveer wat er ging komen, dat was leuk! Tussen 6 en 8 ‘s ochtends werd het wel merkelijk kouder en had ik voor het eerst écht koud. Af en toe haalde ik een deelnemer van 160km in, maar verder liep ik dit stuk zo goed als alleen.

Iets na half 9 kwam ik aan op de 60km, bij checkpoint 3. Bram stond me op te wachten met mijn reserve schoenen en een hoop eten voor het laatste stuk van de race. Hier wisselde ik ook van broek, base layer, shirt en schoenen. Alles droog voor het laatste stuk. Gelukkig had ik ook nog een paar warmer handschoenen bij want mijn handen waren echt ijsklompen op dat moment. 2 tassen soep, wat chips en een hand smurfen-snoepjes en daar ging ik weer.

Nu kwam er een stuk van het parcour waar ik letterlijk elke week loop, perfect om er weer aan te beginnen en van kilometer 60 tot 70 ging het echt goed. Ik liep toch meer dan dat ik stapte (of dat sneller ging laat ik in het midden, maar mentaal was dat toch een overwinning). Dit was ook het moment dat de zon op kwam over de bevroren velden. Ik kon niet anders dan stoppen om een paar foto’s te maken. Een paar kilometer verder zag ik een een ree weglopen en dan blijven staan in de ochtendzon. Zo’n momenten zorgen ervoor dat je die koude nacht en je pijnlijke benen even helemaal vergeet 🙂

IMG_1097

Kilometer 70 tot 80 gingen een pak minder vlot: korte stukjes lopen met lange stukken stappen. Mijn benen hadden er duidelijk genoeg van en ik had te weinig gegeten in de uren er voor om nog veel energie te hebben. Mijn voeten daarintegen waren nog verdacht fris, met dank aan de vele modder en mijn goede schoenen.

(Ik liep de eerste 60km in een paar Salomon Speedcross Vario’s, waar ik nog maar 70km in gelopen had sinds 2015. Dat paar zit zo goed en heeft het meeste grip van alle loopschoenen in mijn kast. Op CP3/60km wisselde ik deze voor een paar Hoka  ATR Challenger 2’s. Minder grip maar veel maar steun.)

Nog een laatste keer de weg over, en dan nog dik 2 kilometer. Moet lukken. Stukjes lopen, stukjes stappen. De laatste kilometer vond ik *ergens* de energie om nog 3 mensen in te halen en om verdacht snel de zaal binnen te lopen (de finish was binnen op het podium). Aangekomen op 12:19. 80 kilometer op 12 uur en 19 minuten. Zeker geen geweldig snelle tijd maar daar gaat het eigenlijk nooit om voor mij 🙂

De ouders en de zus stonden op me te wachten aan de finish, dat was zeer leuk. En de vele berichtjes van vrienden en collega’s door de nacht waren ook geweldig. Dat lijkt misschien iets klein maar na een uur of 3 op je eentje lopen door een pikdonker bos doet dat meer dan je denkt 🙂

IMG_1112
Aan de finish: 30 uur wakker, dood op, alles kapot maar zo blij!

Nog een paar bedenkingen af om te sluiten:

Gelukkig was het droog, want deze temparturen + regen (wat dan sneeuw zou geweest zijn) + deze afstand, dat zou me niet gelukt zijn. Dan zou ik op 36km zeker gestopt zijn.

En als ik nog ooit een race in de winter loop moet ik echt een oplossing vinden voor dat koude water, dat heeft me nu echt dood gedaan naar het einde toe.

Ik ga ook eens uitkijken naar een horloge met een betere batterij. Mijn Suunto was leeg op kilometer 70 en ik heb er in het verleden ook al een paar keer problemen mee gehad. Misschien terug een Garmin?

Nu rustig recuperen en over 2 weken misschien de eindejaars corrida lopen hier in Leuven 🙂

Advertisements

Bello Gallico 2017 – preview

Nog 1 race in het najaar, om het jaar goed af te sluiten. Goed plan, dacht ik begin oktober. Eind december, dan zou het wel eens écht koud kunnen zijn. En het weer is dan ook niet echt geweldig. Maar kom, waarom niet hé? Dat dacht ik een maand of 3 terug toch 🙂

Vandaag is het zover. 80 kilometer door de Dijlevallei met start en finish aan het Zoet Water in Oud-Heverlee, langs en door het Meerdaalwoud, Pécrot, Ottenburg, Neerijse en Korbijk-Dijle. En, alsof 80km niet genoeg is qua uitdaging, de wedstrijd start om zaterdag (vandaag) om middernacht. De eerste 8 uur van de race lopen we dus in het donker.

Training-gewijs zat het goed tot een kleine maand geleden, tot het echt donker en koud werd. Werk-gewijs is dit een gigantisch drukke periode, dus trainen kwam er amper van de laatste weken.

Vorige week was ik helemaal niet zeker dat ik zou meelopen. Sneeuw, regen, niet veel getrained… Dat kruipt al snel in het kopke. Maar lang leve een paar goede vrienden die me al snel overtuigde om het toch te doen. “Show up is half the battle” zeggen ze wel eens en dat ga ik doen.

Pakketjes voor de 3 checkpoints ingepakt (op kilometer 21, 36 en 55) en afgesproken m’n crew (collega Bram aan checkpoint 3 en de ouders aan de aankomst). Rugzak ingepakt, schoenen (en reserve schoenen) gekozen. Waterdichte broek en jas ingepakt (bovenaan de rugzak :)).

De organisatie voorziet een GPS tracker voor elke deelnemer, dus als je wil kan je me makkelijk volgen hier.

Makkelijk gaat het niet zijn, maar anders zou er niks aan zijn natuurlijk 😉

Wish me luck! 🙂

Terug naar de Highland Fling in 2018

In april dit jaar liep ik in Schotland de Highland Fling, een wedstrijd van 85km langs de West Highland Way en Loch Lomond. Het was een geweldig wedstrijd en een ongelofelijke ervaring.

2015-Ben-Lomond-fron-Cruaich-Tairbeirt

Mijn race kalender voor 2018 was nog helemaal leeg dus toen inschrijvingen voor de Fling van volgend jaar open gingen 3 weken geleden, schreef ik me toch maar in. Iedereen die wou deelnemen had 2 weken om zich in te schrijven in de loterij, waarna er een duizendtal deelnemers uitgeloot zouden worden. Eens geselecteerd had je een week tijd om inschrijving te bevestigen en te betalen.

En maandag morgen zat er een mailtje van Si Entries in mijn inbox met een link om me officieel in te schrijven. Lang heb ik niet getwijfeld 🙂 Inschrijving + bus vanuit Glasgow naar de start geboekt!

Training gaat de laatste weken ook redelijk goed. 3 tot 4 keer lopen per week, geen blessures en hier en daar een long run. Midden december loop ik in Oud-Heverlee een 80km dus daarvoor zit alles op schema. Nog een paar langere trainingen in het bos plannen de komend weken en een paar keer ‘s nachts lopen (de race start om middennacht) en ik ben er klaar voor.

Maandag had ik een dagje verlof, het was mooi weer en na de leuke mail van de Fling ging ik een toertje doen langs de vaart:

 

Breaking 2 + lees tip

Op zaterdag 6 Mei probeerde Nike, samen met 3 wereld klasse lopers, het 2 uur record op de marathon te breken met hun #breaking2 project. Je kon de ganse marathon live volgen en mijn wekker stond dan ook om 5 uur ‘s morgens die zaterdag. Uiteindelijk haalde Eliud Kipchoge het net niet, in 2:00:25. Machtige, ongelofelijke prestatie. Maar toch met dubbel, want het was hen (deze keer) niet gelukt

Deze week kwam ik op youtube deze korte documentaire tegen over de #breaking2 poging, met een paar interviews met de lopers zelf en een blik achter de schermen van hun leven. Zéker de moeite om te kijken! Kipchoge won vorige week nog de marathon van Berlijn met een tijd van 2:03:32 (de 7de snelste officiële tijd op de marathon afstand ooit).

 

Ik las een in Augustus ook een boek dat hier mooi bij aansluit: “Running with the Kenyans: Discovering the secrets of the fastest people on earth” van Adharanand Finn (Amazon, bol.com, Goodreads). Over hoe lopen voor vele Kenyanen een uitweg is, een kans op een beter leven, en hoe ze met training omgaan. Zeker de moeite om te lezen als je meer wil te weten komen over de achtergrond van de meeste Kenyaanse lopers.

(Finn schreef daarna ook “The way of te runner“, over lopen in Japan)

Hoka Highland Fling 2017

A couple of weeks ago I entered the Hoka Highland Fling race, a 53 mile (85km) trail run through the Scottish highlands. When I say “entered”, I’m not describing the process fully, so here goes.

I got introduced to this race by a bunch of Scots and Brits during my time in Viscri for the Transylvanian Bear Race. They all raved about the course, the organization, the atmosphere. I looked it up as soon as I got home and added the date when entries opened to my calendar. As that date grew came closer, the race directors announced that instead of an open entry, the entries would be decided by a ballot draw. We had a week to register and then we’d be notified within 2 weeks with the confirmation. With 1000 places on the entry list and about 1300 people entering the ballot, I knew I had a decent chance of getting it. Didn’t make me less excited when I actually got the e-mail, though 🙂

Photo by Kristóf Vizy

So now I start training. And since “just” running a couple of times a week isn’t going to get me through 53 miles, I’m trying to get some sense of structure into my running. I’m starting with 35 to 40 km per week for the rest of the year. Keeping that up will be hard enough, with work being massively busy and the weather being wet and cold.

As I said at the start of my previous big race, I’m going to try and blog about it more regularly. To keep me accountable and to keep you all up to date on how things are going.

(I may have a new running/blog related project in the works, if all goes well you’ll read about that pretty soon too :))

 

Trail des Fantomes 2016

Running the Bear Race in June sparked something in me: a renewed motivation and drive for running, training and racing. Running 2/3 times each week: long runs, speed work, intervals. And off course, I started looking for new race to run.

Sportevents.be puts on bunch of trail and triathlon races in Belgium and I decided to do one in the middle of August: the Trail Des Fantomes in La Roche En Ardenne. They had a 33km and a 65km distance on Sunday and I was quiet sure which one I wanted to do from the get go. Ultra or bust, right?! 😀

Luckily, I’m blessed to have friends that are just as crazy as I am and that wanted to drive me down to La Roche on Sunday morning. The race started at 7, which meant we have to leave in Leuven around 4:30 in the morning.

Race day

My alarm went off at a quarter to 4 and I got out of bed right away. I was pretty nervous and didn’t sleep much at all the night before. Made coffee, dumped breakfast in a container I could take with me and triple checked all my gear. On the road 4:30 and as you would expect there was hardly on traffic (because it was still the middle of the night). Arrived in La Roche just after 6, where it was cold and very foggy. Found the registration tent, collected my bib and headed back to the car the change into my running kit.

A couple of minutes before 7 we all bunched up at the start, the air filled with nervous anticipation for the day to come. I was pretty nervous too, scared even. 65km, what did I get myself into?!? But when 7 o’clock came around, we went for it. 500 meters up the road and then straight up into the forest. At this point I already wished I had brought my trekking poles with me (pro tip 1 if you wan to run this race next year: bring them poles!). The climb was super steep and it felt like it just kept going and going. The first 15 or so kilometers were more of the same, alternating between steep ascents and speedy longer downhill sections.

Then the course hit the shores of the Ourthe river and it ran along there for a good bit. There wasn’t really a trail there so we were constantly scrambling over rocks, under fallen trees, up, down, etc… An okay part of the course I guess, but not a part where you could run or go fast so this part took a big chunk of time.

Around 25km we crossed the Ourthe, at a place where it was about 40 meters wide, and continued on the other side. I was doing good but tired from the slow rocky part. Interchanging running and walking for the next 10km, I pushed on.

By then it was around 11am and the foggy morning had traded places with a bright sunny (and hot) day. On a big downhill section, I noticed that the insole of my shoes were sliding around and bunching up under my feet. So I stopped and straightened them again, slightly worried that I’d have to do that after every 4/5 km for the rest of the race. But on the next big climb, the upcoming blister on my right foot started hurting much more all of a sudden. I pushed through it on the climb and when I reached the top I saw the insole had worked itself way out of my shoe on the inside and up to my ankle (past that blister, hence the extra pain). Knowing I couldn’t carry on like that, I took both insoles out of my shoes and stuffed them in my pack. But I also knew that that wasn’t going to make things any easier. These shoes, the Salomon S-Lab Wings, are light and fast race shoes that don’t offer a lot of cushioning. And taking out the insole basically took away the little cushioning that was in there from the start.

With still 30km to go, things weren’t looking up. I walked for a big portion here, running on the downhills and pushing hard and fast on the up hills.

Still walking and a couple of kilometers later, I passed Pieter, who was also walking and was clearly in pain. Chaffing at the legs, feet in pain, not eating anymore, the works. He was going to walk to the aid station at 40km and get out there. We walked and talked for quite a bit and ended up making it to the aid station together. That station was at 44km by the way, and by then he (and I) was in better spirits, I even convinced him to try and finish :). So we refueled and resupplied on water and cookies and headed back out. By then we had been out there around 8 hours and we still had about 20km to go. Rough, but I was going to finish this.

Doing a mix of running, walking and scrambling over/under things I made it to 55km, where 2 runners from the Netherlands passed me. With 10km and just under 2 hours until the time cap, they urged me on and said I should hurry. I was way too optimistic at first and said that wouldn’t be a problem. But as they were 100m ahead of me I changed my mind and I even got a bit worried. I was going to finish this and it would damn well be before the timecap! (the time cap was 12 hours or 7pm, at that point in the race it was just after 5pm). So, time too toughen up and hustle.

I hit the last aid station at km 60 about a minute before the Dutch pair. It was 5 minutes before 6pm then. We had glass of Coke or 2, some cookies and then headed out together for the last 5km, and the last big climb. We struggled up the 800m climb and started running once we were up and over the peak. All that was left was a slow downhill for about 3km, then the route dropped fast to the Ourth. Cross the river, about 500m through a camping site and the finish line was in sight. In the distance I could see Manuel (the guy crazy enough to give me a ride in the morning) and my mother & sister waiting for me :). They didn’t tell me they’d be making the drive down so it was a great surprise to see them there.

I crossed the finish line after 11 hours and 51 minutes. Relieved, exhausted, happy.

65km, 2800m of elevation gain and 4 UTMB points. That says something about how tough of a course it was and I certainly underestimated it. It took me longer than I had planned or expected but I made it through none the less. This was a rough ride mentally as well and there were definitely times where I wanted to quit. But in the end it was all worth it, those last 10km and crossing the finish line felt great.

Thanks for reading all the way down, until next time!

Should you fast before you run?

The body has about two hours of carbohydrate fuel (glycogen) at marathon pace (defined loosely as 85 percent of your max heart rate). Beyond that is the dreaded bonk. To simplify the complex science on bonking: body go boom. – Trail runner magazine, David Roche

Interesting article about fasted training. In the past I would always take food with me whenever I went out for over an hour but in recent weeks I’ve been doing these runs fasted and they’ve ended up just fine.