Uitkijken naar de bergen

De zomervakantie valt met de deur in huis. De speelplaats naast het kantoor is (eindelijk) stil, collega’s nemen ‘afscheid’ voor een paar weken, de groep wordt kleiner en iedereen kijkt harstalig uit naar zijn of haar eigen verlof. Een paar dagen, een week of meer. Even weg van de dagelijkse sleur. Naar het buitenland, op citytrip, een festival of gewoon lekker niks thuis.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Wij gaan dit jaar nog eens naar Oostenrijk. Wij, dat zijn de ouders, de zus en ik. ‘Vroeger’ hebben we dat een aantal jaar na elkaar gedaan. Een dikke week in de bergen: wandelen, fietsen, lekker eten en genieten van de natuur. Vorig jaar stelde de ouders voor om dat nog eens te doen, met onder ons 4 samen op vakantie. Best spannend wel, voor de eerste keer in 10 jaar samen een week weg. Maar het was geweldig leuk, dus gaan we het dit jaar nog eens overdoen.

Dit jaar trekken we naar Ischgl. Ik ging al eens op Strava kijken waar er daar in de buurt van gelopen en gefiestst wordt en maakt zelf een paar voorlopige routes die ik zou willen doen. Tot op op de website van Ischgl zelf terecht kwam. Zoveel info:  lopen in de bergen,  boulderen in de buurt, 2 via-ferrata beklimmingen die er geweldig leuk uit zien. Ik krijg er alleen nog maar meer zin in 🙂 Nog 3 weken te gaan 🙂

 

Advertisements

Bijberoepen, poging 3

Een paar weken terug met een paar collega’s op terras: “Uw bijberoep gaat precies ook goed, je bent daar toch veel mee bezig” – Wel, niet echt.

Ik ben vaak ‘s avonds aan het ‘werken’, maar dat is niet vaak/zelden echt voor een klant. Zotten ideeën, nieuwe zij-projectjes, support voor bestaande dingen die er uiteindelijk doorgekomen zijn, altijd wel wat te doen. En daar amuseer ik me zeker mee. Maar het is niet wat ik van mijn bijberoep had verwacht.

Een jaar of 5/6 terug begon ik ‘voor mezelf’. Ik ging voor een paar kennissen en bevriende VZW’s iets maken en wou dat direct officieel doen. Even langs het ondernemingsloket en een week later, klaar. Dat eerste jaar bouwde ik 4 of 5 kleinere sites, maar daarna werd het moeilijker. Jezelf verkopen zonder een echt netwerk, in een markt die overloopt en waar het relatief makkelijk is om zonder hulp iets van de grond te krijgen was moeilijk. En voor mij is het dat nog steeds.

Over de jaren maakte ik nog wat sites, deed ik onderhoud op willekeurige projecten die via via (lang leve Twitter) bij mij terecht kwamen, maar een constante was het zeker niet.

En voor alle duidelijkheid: ik wil zeker niet full-time voor mezelf gaan werken. Ik werk graag bij mijn full-time job en zou het werk en de omgeving/mensen niet willen inruilen voor mijn eigen zaak. Misschien komt daar ooit verandering in maar vandaag zeker niet.

Na een jaar of 3 jaar aanmodderen, besloot ik begin 2016 (ik weet nog exact waar ik was: in Rotterdam voor een paar dagen weg, bij Hopper, over nieuwe namen aan het denken met Kathleen) om “opnieuw te beginnen”. Nieuwe naam, nieuwe site, mét een blog. Poging 2. Maar net zoals je je in nieuwe kleren even beter voelt, blijft dat natuurlijk niet duren als je niets anders gaat doen en echt iets verandert.

Poging 3 dus. Nu. De voorbije maand. Weer een nieuwe site gemaakt, want nieuwe kleren voor je aan iets nieuw begint doen natuurlijk ook wel iets, al is het maar in je hoofd.

Meer focus op de content & copy (uzelf en wat je doet verkopen blijft toch moeilijk).
Meer focus op alles wat ik kan rond domeinen, hosting, email.
Meer focus op kleine en snelle projectjes, voor klanten waar de meerwaarde van iets kleins echt een verschil kan maken.
En nieuwe dingen en zij-projecten blijven doen, want daar leer ik zoveel mee van.

De nieuwe site staat ondertussen een weekje online en ik heb al 2 spontane mailtjes gehad van potentieel nieuwe klanten. Toeval, maar wel leuk.
Voorlopig nog geen blog op de nieuwe site, want alles tegelijk en 100% willen doen, dat lukt toch niet. Binnenkort komt die er wel (stiekem is de pagina eigenlijk al klaar), want ik heb zeker genoeg om over te schrijven, ook daar.

Dus bij deze, voor WordPress, websites en advies: Studio Espresso.

Silver linings – 25/06/2017

Bloggen ja. En in het Nederlands zelfs. Voor alles een eerst keer zeker?

Bij Annelies en Leen las ik een paar weken geleden ongeveer hetzelfde soort bericht: even stil staan bij kleine dingen die je blij maken. Want als het wat moeilijker gaat is dat eens zo belangrijk. Laten we zeggen dat de afgelopen weken hier best wat ups en (meer dan genoeg) downs hadden, dus ik probeer ook eens zo’n post. Hier gaan we.

  • Juffrouw Annie. Vorig weekend hadden we het jaarlijks eetfestijn van het Roemenië comité en ik ging naar goede gewoonte helpen bij de afwas. Dit jaar kwam Juffrouw Annie ook mee afwassen en opruimen achteraf. Ondertussen meer dan 20 jaar geleden was Juffrouw Annie mijn leerkracht in het eerste leerjaar. “Zeg maar gewoon Annie hoor” zei ze. Nee, dat klopte precies niet 🙂
  • Scherven, of het gebrek er aan. Ik liep vorige week de glazen kan, die ik bijna dagelijks gebruik om koffie te zetten, vallen. Vroeg, warm, slecht geslapen, bam, de grond op. Ik sprong weg uit reflex maar nee, niet nodig. Niks aan te zijn. Dat ding lijkt wel onverwoestbaar.
  • Concerten en nieuwe muziek. Ik ben zot van muziek, van nieuwe muziek ontdekken en naar optredens gaan. Dat laatste doe ik maar zelden, maar het najaar van 2017 beloofd een topper te worden 🙂  Zo zijn er al kaartjes voor:
    – The National (Bozar, oktober)
    – Cigarettes After Sex (AB, november)
    – Julien Baker (Botaniq, november)
    – Yevgueni (Het Depot, december)
    – London Grammar (Lotto Arena, december)Lang leve vrienden die je nieuwe muziek leren kennen en die je dan ook nog overtuigen om ze live te gaan kijken 😊
  • Nieuwe uitdaging: de dodentocht. Op mij andere blog was het al te lezen: ik ben niks waard als ik geen doel heb om voor te trainen. Dus gaan we van trails en heuvels in Schotland naar plat en betton in België. Zot zijn doet geen zeer. Hoewel… 🙂

Hoka Highland Fling 2017

A couple of weeks ago I entered the Hoka Highland Fling race, a 53 mile (85km) trail run through the Scottish highlands. When I say “entered”, I’m not describing the process fully, so here goes.

I got introduced to this race by a bunch of Scots and Brits during my time in Viscri for the Transylvanian Bear Race. They all raved about the course, the organization, the atmosphere. I looked it up as soon as I got home and added the date when entries opened to my calendar. As that date grew came closer, the race directors announced that instead of an open entry, the entries would be decided by a ballot draw. We had a week to register and then we’d be notified within 2 weeks with the confirmation. With 1000 places on the entry list and about 1300 people entering the ballot, I knew I had a decent chance of getting it. Didn’t make me less excited when I actually got the e-mail, though 🙂

Photo by Kristóf Vizy

So now I start training. And since “just” running a couple of times a week isn’t going to get me through 53 miles, I’m trying to get some sense of structure into my running. I’m starting with 35 to 40 km per week for the rest of the year. Keeping that up will be hard enough, with work being massively busy and the weather being wet and cold.

As I said at the start of my previous big race, I’m going to try and blog about it more regularly. To keep me accountable and to keep you all up to date on how things are going.

(I may have a new running/blog related project in the works, if all goes well you’ll read about that pretty soon too :))

 

Postcast: In the Dark

Investigative journalism in podcast form was started off mostly by Serial, which most people have heard of (or have actually heard) by now.

In that same vein there is a new show out: In the Dark, by APM Reports. 9 Episodes about the disappearance of Jacob Wetterling, the case that shaped how the US deals with sexual crimes. Interesting, horrifying and shocking. Find it on iTunes, Overcast or Stitcher.

Trail des Fantomes 2016

Running the Bear Race in June sparked something in me: a renewed motivation and drive for running, training and racing. Running 2/3 times each week: long runs, speed work, intervals. And off course, I started looking for new race to run.

Sportevents.be puts on bunch of trail and triathlon races in Belgium and I decided to do one in the middle of August: the Trail Des Fantomes in La Roche En Ardenne. They had a 33km and a 65km distance on Sunday and I was quiet sure which one I wanted to do from the get go. Ultra or bust, right?! 😀

Luckily, I’m blessed to have friends that are just as crazy as I am and that wanted to drive me down to La Roche on Sunday morning. The race started at 7, which meant we have to leave in Leuven around 4:30 in the morning.

Race day

My alarm went off at a quarter to 4 and I got out of bed right away. I was pretty nervous and didn’t sleep much at all the night before. Made coffee, dumped breakfast in a container I could take with me and triple checked all my gear. On the road 4:30 and as you would expect there was hardly on traffic (because it was still the middle of the night). Arrived in La Roche just after 6, where it was cold and very foggy. Found the registration tent, collected my bib and headed back to the car the change into my running kit.

A couple of minutes before 7 we all bunched up at the start, the air filled with nervous anticipation for the day to come. I was pretty nervous too, scared even. 65km, what did I get myself into?!? But when 7 o’clock came around, we went for it. 500 meters up the road and then straight up into the forest. At this point I already wished I had brought my trekking poles with me (pro tip 1 if you wan to run this race next year: bring them poles!). The climb was super steep and it felt like it just kept going and going. The first 15 or so kilometers were more of the same, alternating between steep ascents and speedy longer downhill sections.

Then the course hit the shores of the Ourthe river and it ran along there for a good bit. There wasn’t really a trail there so we were constantly scrambling over rocks, under fallen trees, up, down, etc… An okay part of the course I guess, but not a part where you could run or go fast so this part took a big chunk of time.

Around 25km we crossed the Ourthe, at a place where it was about 40 meters wide, and continued on the other side. I was doing good but tired from the slow rocky part. Interchanging running and walking for the next 10km, I pushed on.

By then it was around 11am and the foggy morning had traded places with a bright sunny (and hot) day. On a big downhill section, I noticed that the insole of my shoes were sliding around and bunching up under my feet. So I stopped and straightened them again, slightly worried that I’d have to do that after every 4/5 km for the rest of the race. But on the next big climb, the upcoming blister on my right foot started hurting much more all of a sudden. I pushed through it on the climb and when I reached the top I saw the insole had worked itself way out of my shoe on the inside and up to my ankle (past that blister, hence the extra pain). Knowing I couldn’t carry on like that, I took both insoles out of my shoes and stuffed them in my pack. But I also knew that that wasn’t going to make things any easier. These shoes, the Salomon S-Lab Wings, are light and fast race shoes that don’t offer a lot of cushioning. And taking out the insole basically took away the little cushioning that was in there from the start.

With still 30km to go, things weren’t looking up. I walked for a big portion here, running on the downhills and pushing hard and fast on the up hills.

Still walking and a couple of kilometers later, I passed Pieter, who was also walking and was clearly in pain. Chaffing at the legs, feet in pain, not eating anymore, the works. He was going to walk to the aid station at 40km and get out there. We walked and talked for quite a bit and ended up making it to the aid station together. That station was at 44km by the way, and by then he (and I) was in better spirits, I even convinced him to try and finish :). So we refueled and resupplied on water and cookies and headed back out. By then we had been out there around 8 hours and we still had about 20km to go. Rough, but I was going to finish this.

Doing a mix of running, walking and scrambling over/under things I made it to 55km, where 2 runners from the Netherlands passed me. With 10km and just under 2 hours until the time cap, they urged me on and said I should hurry. I was way too optimistic at first and said that wouldn’t be a problem. But as they were 100m ahead of me I changed my mind and I even got a bit worried. I was going to finish this and it would damn well be before the timecap! (the time cap was 12 hours or 7pm, at that point in the race it was just after 5pm). So, time too toughen up and hustle.

I hit the last aid station at km 60 about a minute before the Dutch pair. It was 5 minutes before 6pm then. We had glass of Coke or 2, some cookies and then headed out together for the last 5km, and the last big climb. We struggled up the 800m climb and started running once we were up and over the peak. All that was left was a slow downhill for about 3km, then the route dropped fast to the Ourth. Cross the river, about 500m through a camping site and the finish line was in sight. In the distance I could see Manuel (the guy crazy enough to give me a ride in the morning) and my mother & sister waiting for me :). They didn’t tell me they’d be making the drive down so it was a great surprise to see them there.

I crossed the finish line after 11 hours and 51 minutes. Relieved, exhausted, happy.

65km, 2800m of elevation gain and 4 UTMB points. That says something about how tough of a course it was and I certainly underestimated it. It took me longer than I had planned or expected but I made it through none the less. This was a rough ride mentally as well and there were definitely times where I wanted to quit. But in the end it was all worth it, those last 10km and crossing the finish line felt great.

Thanks for reading all the way down, until next time!